Spanning en stress

Stress is van oorsprong een heel natuurlijke reactie van het lichaam op gevaar. Het zorgt ervoor dat je kan vechten of vluchten als dit nodig is. Op het moment dat het gevaar weer geweken is, komt het lichaam terug in een positie van rust en herstel. Omdat deze stress-reactie maar kortdurend is en er daarna een periode van rust volgt, heeft dit geen negatieve impact op je lichaam.

Tegenwoordig staan we niet meer zo vaak bloot aan fysiek gevaar, maar ook mentale druk veroorzaakt deze reactie. Als deze druk tijdelijk is, en er daarna voldoende rust volgt, is dit ook geen probleem. Het wordt anders als we langdurig blootgesteld staan aan deze stress-reactie. Op dat moment kan het lichaam niet voldoende herstellen en raakt het geleidelijk overbelast.

 

Ons stress-systeem

Wanneer het stress-systeem geactiveerd wordt, komen de hormonen adrenaline en noradrenaline vrij. Hierdoor:

Stijgt de hartslag

Gaat de bloeddruk omhoog

Gaat er meer bloed naar de spieren, het hart en de hersenen en minder naar de andere organen

Gaat de ademfrequentie omhoog en verwijden de longblaasjes zich

Het lichaam is klaar voor actie...

Na een aantal minuten gaan de bijnieren cortisol  produceren. Cortisol staat bekend als het stresshormoon. Het zorgt ervoor dat de bloedsuikerspiegel stijgt en dat de stofwisseling harder werkt. Eiwitten en glycogeen in het lichaam worden omgezet in glucose. Hierdoor maakt het lichaam snel energie vrij om met de stresssituatie om te gaan.

Te veel langdurige stress

Zoals hierboven ook al genoemd was dit systeem vroeger heel belangrijk, omdat je altijd aangevallen kon worden door een wild dier. Als het gevaar geweken was, ging het lichaam weer in de ruststand.

Tegenwoordig staan we vaak en langdurig bloot aan stress. Je kunt hierbij denken aan een hoge werkdruk, hoge verwachtingen van de omgeving en van jezelf, maar ook de vele prikkels vanuit sociale media. Al deze dingen zorgen ervoor dat het stress-systeem (langdurig) actief is. Ook hier maakt het lichaam zich klaar om voor de situatie weg te vluchten of ertegen te vechten. Echter komt het vaak niet tot actie en blijft het lichaam in de stand van paraatheid. 

Te veel stress, te weinig rust

Wanneer je te veel stress ervaart is het stresssysteem  te vaak actief, waardoor het lichaam niet meer goed kan herstellen. Het immuunsysteem (dat je beschermt tegen ziektes) is minder actief, waardoor je vatbaarder wordt voor ziektes en het aanmaken van nieuwe cellen en het onderhouden van bestaande cellen gaat op een laag pitje, waardoor bijvoorbeeld spieren niet goed kunnen herstellen van de inspanning. Langzaam ontstaan steeds meer lichamelijke en psychische klachten.

Als je niet tijdig ingrijpt en je lichaam vaker tot rust kan komen, is een burn-out het gevolg.

 

Burn-out

Burn-out is de term voor het gevoel 'opgebrand' te zijn en geen energie of motivatie meer te kunnen vinden voor verschillende bezigheden: iemand is op dat moment fysiek en mentaal compleet uitgeput. Het is een zware vermoeidheid met vele klachten die het leven beheersen.

Burn-out is duidelijk verschillend van depressie: burn-out is in eerste instantie een 'energiestoornis', en depressie een 'stemmingsstoornis'. Bij depressie is er per definitie sprake van 'anhedoni', het zich nergens op kunnen verheugen. Hierover later meer. 

Een burn-out kent verschillende fasen:

 1. Aanloop

De persoon pleegt al jaren (onbewust) roofbouw op zijn energiesysteem. Soms is dit lastig te zien voor de omgeving. Oorzaken kunnen zowel op het gebied van werk als privé liggen. Vaak betreft het een opeenstapeling van gebeurtenissen of lang aanhoudende stress. Hierdoor raakt het (gezonde) stresshormoon adrenaline uitgeput en gaat het lichaam cortisol produceren, met alle mentale- en fysieke gevolgen van dien…

Daarbij is er vrijwel altijd sprake van een persoonlijkheid die zich laat kenmerken door: 

loyaliteit (moeite met het aangeven van grenzen)

zorgzaamheid (altijd klaarstaan voor anderen of hen voorop stellen) 

perfectionisme (niet snel tevreden zijn, uiterste van zichzelf vragen) 

doorzettingsvermogen (doorgaan, ook als het tegenzit) 

   onzekerheid (zichzelf niet goed genoeg vinden of vergelijken met anderen) 

prikkel-verslaafd (altijd actief of aanwezig, lastig stil of alleen kunnen zijn) 

 hoog sensitiviteit (weinig prikkels kunnen verdragen, meer verwerkingstijd nodig dan gemiddeld) 

lage frustratie tolerantie of niet stress bestendig (snel gefrustreerd, gepikeerd of gespannen)

 

                                                                                                                 2. Pre-burn-out

Ontspanning vinden in deze fase is lastig. De persoon zal zich misschien vaker zonder concrete reden ziekmelden en lijkt onzeker geworden over zijn eigen kunnen. Daarentegen kan iemand ook juist harder gaan werken en de lat nog hoger leggen dan hij al deed. In deze fase sluit men zich vaker dan voorheen af van zijn omgeving en gevoelens. Basisbehoeftes lijken nauwelijks meer aanwezig en reeds aanwezige alarmsignalen, zoals fysieke klachten, worden meestal genegeerd. Wanneer je opmerkt dat iemand zich in de gevarenzone lijkt te bevinden, zal deze dat waarschijnlijk ontkennen. Hoe hard het ook mag klinken: in deze fase staat iemand op het randje van de afgrond en is er vrijwel geen weg meer terug.

* Er kan in deze fase ook sprake zijn van overspannenheid. Bij adequaat ingrijpen (bijtijds signaleren en nodige aanpassingen doen) zou een mogelijke burn-out eventueel kunnen worden voorkome

 3. Kortsluiting

De persoon stort fysiek, mentaal en emotioneel volledig in. Het gehele systeem schreeuwt STOP! omdat het simpelweg uitgeput is en niet meer kan. In uitzonderlijke gevallen kan iemands ratio zo sterk zijn, dat diegene zich er van zichzelf nog steeds doorheen moet slaan.

  4. Overgave

Hier ontstaat bij de persoon in kwestie het beseft dat hij ziek is en hij erkent dat er iets moet gebeuren om weer normaal te functioneren. Wanneer hij zich overgeeft aan de situatie, betekent dit echter niet meteen dat hij de situatie heeft geaccepteerd of open staat voor hulp. In deze fase doet hij er goed aan om afstand te nemen van werk of in elk geval van de probleem gerelateerde omgeving. Zoveel mogelijk tot rust komen is gedurende deze fase prioriteit; slapen, wandelen, ontspannen en vooral niets moeten. Dit kan frustratie bij de persoon of onbegrip in zijn omgeving oproepen.

 5. Begeleiding

De zieke ziet in dat hij er alleen niet bovenop komt en is bereid hulp te zoeken. Althans, niet in alle gevallen is de bereidheid er, maar wel de noodzaak. Om een duurzaam herstel te kunnen realiseren, is professionele begeleiding nodig. Een meerdimensionale benadering en aanpak is effectief.  Gedurende de behandelperiode wordt de persoon o.a. middels opdrachten en confronterende situaties uitgedaagd om opgedane inzichten toe te passen in de praktijk en zich nieuwe patronen eigen te maken. Dit gaat met vallen en opstaan, omdat oude en nieuwe patronen hier en daar nog zullen botsen. 

6. Integratie

Succesvolle momenten of periodes duren niet slechts een dag, maar houden steeds vaker langer aan. De persoon heeft geleerd beter voor zichzelf te zorgen en begint een ‘gezondere versie van zichzelf’ te creëren. Hij krijgt weer zin om aan de slag te gaan en het lijkt erop alsof hij weer beter is. Echter, een grote valkuil in deze fase is om té snel (bijvoorbeeld na een goede maand) weer allerlei werkzaamheden of normale zaken op te gaan pakken. Laat die pieken maar eens een maand of twee à drie stabiliteit vertonen, daarna kunnen we vol vertrouwen het laatste stadium in.

* Fase 4 en 5 kunnen ook omgekeerd plaatsvinden; fase 5 en 6 gaan vrijwel altijd samen.

 7. Re-integratie

De persoon is weer zo goed als hersteld en kan stap voor stap terugkeren naar werk en/of gezinstaken; ofwel bij dezelfde werkgever in dezelfde, een andere of aangepaste functie, ofwel bij een andere werkgever in een andere functie. Het is in deze fase belangrijk dat de terugkerende medewerker ruimte krijgt om zijn mogelijkheden en grenzen aan te geven. Ook kan de persoon in kwestie angst hebben voor een mogelijke terugval (zie hieronder). 

 

Duurzaam herstel

De kans is zeer groot dat een ex-burn-outer er alles aan zal doen om nooit meer terug te gaan naar waar hij ooit is geweest. Toch is het helaas niet uitgesloten dat iemand na een burn-out terug zal vallen. Wie ooit een burn-out heeft gehad, loopt namelijk een verhoogd risico nogmaals uit te vallen (het gaat dan om zo’n 20 tot 30 procent). In dit geval geldt: voorkomen is beter én goedkoper dan genezen. Om een tweede, soms lichtere, burn-out te voorkomen is het nodig dat iemand nieuwe patronen toe kan passen in de praktijk en er ruim voor het re-integratie proces concrete handvatten worden geboden om terugval te voorkomen.

 

Negatieve gedachten/depressieve gedachten

Natuurlijk ben je bij mij terecht gekomen omdat er dingen zijn die niet gaan zoals je graag zou willen.Door de hectiek van het dagelijks (gezins-) leven kunnen we gemakkelijk in een negatieve spiraal raken, waarin we vooral de negatieve dingen van anderen en onszelf zien. Een gevaarlijke valkuil. Dit negatieve denken heeft veel invloed op onszelf en de mensen en kinderen om ons heen. Zij worden gemakkelijk meegetrokken in deze gedachtegang en zo komen we in een hele negatieve sfeer terecht met elkaar. Bovendien kosten negatieve emoties erg veel energie. We raken dus vermoeid...En laten we nu juist als we vermoeid zijn meer vatbaar zijn voor deze negatieve gedachten....De cirkel is rond...En die gaan we snel doorbreken!

 

Kamp je met negatieve gedachten over jezelf en/of je omgeving en beheerst dit steeds meer je leven? Grijp in voordat je in een depressie komt. Je zelfvertrouwen loopt in deze periode gevaar, en daarmee ook je functioneren in je omgeving. Doordat je minder goed gaat functioneren, gaat je zelfvertrouwen nog meer deuken oplopen en beland je snel in een neerwaartse spiraal. Leer hoe je dit kan voorkomen en leer positiever denken in korte tijd! Van harte welkom!